Verwen je ze niet teveel?
Gaan ze zo wel goed leren lopen?
Zo leren ze nooit onafhankelijk zijn!

Het zijn maar een paar van de opmerkingen die je als dragende ouder kan krijgen. Nochtans is er niks natuurlijker dan je kindje dichtbij te houden, is er geen enkel kindje dat niet leert lopen doordat het gedragen werd (integendeel, dragen stimuleert juist de fysieke ontwikkeling!) en ze worden al snel genoeg groot dus een beetje genieten van de afhankelijkheid is absoluut niet slecht!

Een beetje achtergrond:

Zoogdieren worden van oudsher ingedeeld in twee categorieën, namelijk nestvlieders en nestblijvers.

De eerste categorie, de nestvlieders, zijn de soorten zoals paarden, koeien, herten en olifanten. De jongen van deze soort lijken bij hun geboorte gewoon miniversies van hun ouders. Ze moeten direct meekunnen met de kudde en dus functioneren hun zintuigen al optimaal en kunnen ze vrijwel meteen lopen. Ze krijgen ook melk die rijk is aan eiwitten zodat ze snel groeien. Ze volgen hun mama overal want alleen zijn is voor hen levensgevaarlijk.

De categorie van de nestblijvers is bij de geboorte volledig hulpeloos. Ze zijn naakt, blind en erg afhankelijk van de ouders. Voorbeelden hiervan zijn konijnen, katten en muizen. Deze jongen krijgen zeer vetrijke melk die zwaar verteerbaar is, zodat ze lange periodes slapen en alleen kunnen blijven in het nest, terwijl de moeder op jacht gaat naar voeding.

nestblijvers_img001

De mens werd altijd geklasseerd onder de nestblijvers, waardoor er van mensenbaby’s ook verlangd werd dat ze lange periodes alleen sliepen in hun ‘nest’ (de wieg dus). Echter is er ondertussen een derde categorie ontdekt. De jongen van deze categorie lijken op hun ouders, hun zintuigen functioneren vrij goed, maar ze kunnen nog niet lopen en hun zenuwstelsel is nog niet volledig rijp. Daarom worden deze jongen gedragen. Deze categorie noemt men dus de draaglingen. De moedermelk van deze soort is niet zo vet als die van nestblijvers, waardoor de jongen vaak gevoed moeten worden, ze bevat echter ook niet zoveel eiwit als bij de nestvlieders. De jongen groeien dus niet zo snel. Wel zitten er veel koolhydraten in waardoor de hersenen sneller ontwikkelen.

draaglingen

Voorbeelden van deze categorie zijn buideldieren zoals de kangoeroe, primaten en dus ook de mens? Dit merk je ook aan een groot deel natuurlijke reflexen van een pasgeboren baby. De instinctieve grijpreflex om zich vast te klampen aan de ouder, het wapperen met armen en huilen wanneer hij neergelegd of alleen gelaten wordt, en de noodzaak om frequent gevoed te worden. We kunnen dus besluiten dat dragen helemaal niet verwennen is, maar gewoon tegemoetkomen aan de noden van je kindje.

Voordelen voor de ouders:

Behalve de natuurlijke behoefte van je baby, is het soms gewoon ook handig om je kindje te dragen. Een wandelingetje met de hond, een spelletje met grote broer of zus, een daguitstap in een druk pretpark, en nog zoveel meer.

39989

Er is natuurlijk niets mis mee om je kindje te vervoeren in een wandelwagen. Maar er zijn zo van die momenten waarop een drager toch echt praktischer is. Je hebt je kindje altijd dichtbij en in het zicht, je merkt het dus meteen als er een probleem(pje) is. En er is gewoon niets zaliger dan een constante knuffel met je kindje, genieten van de geur van een pasgeboren baby en dat zachte hoofdje dichtbij om lekker kusjes op te geven!

Voordelen voor het kind:

Voor een pasgeboren baby voelt er niets veiligers dan de warmte van mama of papa en het geluid van hun hartslag, zij voelen zich dus helemaal op hun gemak in een draagdoek of drager. Ook grotere kindjes worden echter nog graag gedragen. Zij leren op die manier dat er niets is om bang voor te zijn want dat mama en papa altijd dichtbij zijn. Ook zitten ze op dezelfde hoogte als volwassenen, waardoor alles veel minder dreigend overkomt.

Ook de fysieke ontwikkeling van een kindje wordt gestimuleerd in een drager. Er is aangetoond dat er een groot verband is tussen beweging en aanraking, en hersenontwikkeling. Een kindje dat gedragen wordt pikt elke beweging van de drager ope, voelt alles aan met zijn hele lijf(je) en leert op die manier heel veel over hoe hij zelf kan bewegen. Voor een pasgeboren baby voelen die bewegingen bovendien nog eens heel vertrouwd aan, want in de baarmoeder werd hij ook lekker in slaap gewiegd door de bewegingen van mama.